Home » Marcom en marifonie » DSC Digital Selective Calling

DSC Digital Selective Calling

DSC verkeer gaat altijd via kanaal 70. (Het digitale kanaal)
Het gebruik van DSC op VHF-kanaal 16 (of andere kanalen) is verboden.
Met elke zeevaartmarifoon kan je een DSC-bericht versturen.
Om de ontvangst van VHF-DSC-berichten zo goed mogelijk te waarborgen, wordt elk DSC-symbool tweemaal uitgezonden en vindt door middel van Error Check Character een extra controle plaats.

Voor identificatie van het DSC bericht wordt gebruik gemaakt van het MMSI-nummer.
Zo moet er in een DSC-distress alert minimaal het MMSI-nummer en de positie voorkomen.
De positie wordt automatisch (continu) via de GPS in de VHF-DSC-apparatuur ingevoerd.
Mocht de verbinding tussen de VHF-DSC en de GPS defect raken, geeft het DSC-apparaat een hoorbaar alarm. Tevens verschijnt er op het display de waarschuwing EPFS, dat wil zeggen: Electronic Position Fixing System. Dat betekent dat er een probleem met de automatische invoer van de positie-informatie is.
In zo’n geval moet je de positie met bijbehorende tijd handmatig updaten met een maximuminterval van vier uur.
Na het versturen van een DSC distress alert identificeert het schip in het daaropvolgende radiotelefonieverkeer zich in het eerste bericht met de scheepsnaam, roepletters en MMSI nummer.
Volgorde van voorrang
De category (of priority) van een DSC-boodschap bepaalt de mate van voorrang, de volgorde van voorrang is:
Distress = Noodverkeer (Mayday)
Urgency = Spoedverkeer (Pan pan)
Safety = Veiligheidsverkeer (Securite)
Routine = Gewone berichten zonder specifiek spoedeisend karakter.